13 september Marien van den Boom

13 september 2020

10.30. uur

Thema: ‘Als stilte niet te vangen is’.

Muzikale begeleiding: Bert Noordam

 

 

 

Marien van den Boom studeerde godsdienstwetenschappen en theologie aan de Vrije Universiteit. Hij promoveerde op het Europese denken binnen de moderne Arabisch-islamitische filosofie. Tijdens zijn academische loopbaan doceerde hij in Amsterdam en Brussel met name over de symboliek in de grote wereldreligies. Hij was gastdocent in China, Indonesië en het Midden-Oosten.

muziek

welkom en mededelingen

begroeting

initiation – Psalm 1

inleidende woorden

We beluisterden een fragment uit de cd Inside the Great Pyramid. Psalm 1, op altfluit gespeeld in de Koningskamer van de Cheops-piramide, gebouwd ongeveer 2500 jaar v.Chr. De muziek van Paul Horn heeft een belangrijke bijdrage geleverd aan de belangstelling voor New Age-muziek vanaf de jaren 70.[1]

De muziek van de mens op zoek naar spiritualiteit biedt een boeiend landschap van soorten en stijlen, aan deze en gene zijde van de globe. Van cantate tot meditatieve muziek, om te juichen en te verkondigen, om te mediteren en om stil te staan. In Liedboek van de stilte schrijft Herman Verbeek over muziek en stilte: Het is als met het stormen over en in Elia. Daarin (in de storm) was de stem niet. Maar in het zachte suizen van de avondwind, daar hoorde hij. Hoe meer een mens wint aan wijsheid, aan geduld, aan liefde, hoe zachter diens stem wordt.[2]


Over de oorsprong van religie en spiritualiteit heeft men de vraag gesteld: wat was er “in den beginne”? In het evangelie van Johannes lezen we: In den beginne was het Woord, en het Woord was bij God, en het Woord was God. De godsdienstgeschiedenis toont ons vele wegen om bij de bron te komen. In den beginne was er de mythe, de dans, het offer, het ritueel, de beeltenis. In den beginne was er de toon, oertoon, klank, melodie, beeltenis. Of in den beginne was er de muziek, harmonische muziek, jazzy muziek of in den beginne was er stilte.

muziek

gedicht

Stil
Ik heb gevraagd aan God
maar het bleef stil

Ik heb gebeden tot God
maar het bleef stil

Ik heb gesmeekt om God
maar het bleef stil

Ik heb geschreeuwd om God
maar het bleef stil

Toen werd ik stil
en daar was God

Niek Zwakhals, Dichter bij het hart, verkrijgbaar via: www.nielszwakhalsshop.nl

muziek

Overweging

Toen viel de liturgie stil en verstomde lofprijzing. Boulevards, en pleinen verstoken van golven van stadsgeweld. Het duurde en duurde, dagen en weken.

En dan, rolluiken gingen weer open. Mensen op een terras. De rust en stilte in de samenleving die ongeveinsd leven in je deed kiemen, is voorbij.

Velen waren blij en opgetogen toen de samenleving in zichzelve keerde en stilviel. Onthecht van verplichtingen. Ervaren hoe de stad kan herademen en de lucht zich zijn blauw herinnert. Stilte dreef ons instinctief naar de geheime burcht van de binnenkamer, – even weg van het men, de velen, de menigte.

We werden ons bewust dat we in de gewone wereld veel tijd, te veel tijd besteden aan zoeken naar geluk. Dat onze agenda te vol was. Crisis als inkeer en heelmeester om meer te luisteren naar de stilte in een wereld van lawaai? Crisis als wegwijzer die de weg wijst naar stilte in jezelf?

Je verbinden met de stilte in en rond jou, en vanuit die stilte kijken naar wat er is. Het begint met de fase van beschouwen: aandacht met focus, oordeel, wat vind ik ervan, wat heb ik in mijn leven te weinig aandacht gegeven? Dan gaat het over in schouwen: waarnemen wat er plaats vindt in jezelf, mindful bezig zijn. En dan van schouwen naar gewaarzijn. Als je rust in gewaarzijn, zijn er geen grenzen meer, er is geen tijdshorizon, het is open en eindeloos helder.

Door verplichte rust en opgelegde stilte voelden we sterker dan ooit hoe alles met elkaar verbonden is. Een sterke onderstroom zegt ons dat al dit leed, verdriet, gemis van dierbaren, eenzaamheid en economische crisis er niet voor niets kan zijn. Zou het kunnen zijn waar mystici en zieners over spreken: eerst moeten oude patronen worden opgeruimd om ruimte te maken voor het nieuwe. Een nieuw bewustzijn?

 In Berlijn is er het Museum der Stille, museum van de stilte. Temidden van de stedelijke hectiek heeft de mens behoefte aan een geseculariseerde aandachtsruimte

Het verlangen van de mens naar stilte, inkeer en rust is niet enkel een hedendaags verschijnsel. Het is zo oud als de mensheid zelf is. Stilte diende al in de 6e eeuw voor Christus. In de school van Pythagoras als filosofische oefening.

De behoefte aan stilte werd zo groot dat de mens het een ruimte begon te geven waar het in een atmosferische omgeving kan worden beschermd en ervaren. De kerken en tempels van deze wereld getuigen hiervan, ontworpen om de mens dichter bij spirituele kracht te brengen. En nog steeds boeit het de moderne mens om kerken en tempels te bezoeken. Het is meer dan een toeristisch bezoek. Het geluid van de gewone wereld kan onze diepste verlangens niet bevredigen. Tempels en kerken, ze raken en creëren ruimte voor contemplatie, een innerlijke dialoog.

De geschiedenis van spiritualiteit, ze toont ons beelden om bij stil te staan. In zen-tempels is het gebruikelijk om op 8 december, de traditionele datum van de verlichting van de Boeddha, beelden te vereren van Shakyamuni die van de berg afdaalde. Boeddha die van de berg naar beneden komt, in het hier en nu, want alleen hier in deze wereld is verlichting te vinden. 

In de christelijke traditie een vergelijkbare beeltenis over tot inzicht komen. In het verhaal van Jezus’ Gedaanteverandering (ook Transfiguratie) op de Berg Tabor lezen we, naar de weergave van Mattheüs 17[1]:

Voor hun ogen veranderde hij van gedaante, zijn gezicht straalde als de zon en zijn kleren werden wit als het licht……En vervolgens worden de leerlingen aangemoedigd om van de berg af te dalen en met niemand te spreken over het visioen dat heel even te zien was. Toen ze van de berg afdaalden, gebood Jezus hun: ‘Praat met niemand over wat jullie hebben gezien voordat de Mensenzoon uit de dood is opgewekt.

Tot inzicht komen…..voorbeelden te over…..wisselende beelden….en toch is er een gemeenschappelijke lijn….tot inzicht komen vraagt om terughoudendheid……een zekere stilte is nodig…..Psalm 65 benadrukt dat stilte aan onze lofprijzing voorafgaat Vanuit de stilte klinkt ons zingen. Voor u is stil zijn een lofzang.  

Als woorden te kort schieten, dan neemt de muziek het over. We hebben naast stilte, muziek nodig. Ook in de liturgie. Muziek is deel van onze creativiteit. Muziek van Mozart, van Bach zet veel mensen aan het denken. Muziek is deel van een kosmische schoonheid, een schoonheid niet door mensenhanden gemaakt.

Stil zijn is ook niet alles, voorbij de stilte en dan toch een loflied, zoals J.S.Bach dat bedoelde in koraal uit de cantate van J.S.Bach, Herz und Mund und Tat und Leben.

De schrijver van het bijbelboek Prediker appelleert aan die twee-heid in onze spirituele zoektocht. Hij schrijft:  Er is voor alle dingen een moment en voor alle dingen onder de hemel is er een tijd. memoreert Prediker. Er is een tijd om te huilen en er is een tijd om te lachen. Er is een tijd om te treuren en er is een tijd om te dansen. Er is een tijd om te omhelzen en er is een tijd om afstand te houden. Er is een tijd om te zwijgen en er is een tijd om te spreken. En vrij vertaald, er is een tijd om juichend blij te zijn en te musiceren, en is een tijd om stilte te zoeken.

In alle dingen heb ik rust gezocht, zo luidt de titel van het recente proefschrift van de filosoof Michel Dijkstra, een onderzoek naar de verhouding tussen het denken van Meister Eckhart en Dōgen.[2] De Duitse mysticus en de Japanse zenmeester leefden beiden in de dertiende eeuw, maar geografisch en cultureel ver van elkaar verwijderd.

Ondanks deze afstand, zijn er veel gelijkenissen in visie en levensoriëntatie tussen beide denkers te vinden.

Tegenovergestelde wereldbeelden die tot eenzelfde levenshouding leiden als het om rust gaat, namelijk grenzeloze betrokkenheid op alles en iedereen. De ene mens noemt die betrokkenheid caritas, de andere mens karuna. Eckhart ervaart het hoogste goed als God of Eeuwige, Dōgen noemt het boeddhanatuur.

Levenskunst houdt volgens deze denkers dan ook in: je afstemmen op het ene en hierin rusten.

Stilte en het Onuitsprekelijke.[3] Velen zijn ernaar op zoek. Opdiepen van het oorspronkelijke gelaat van de mens, speuren naar het onzegbare en zoeken naar woorden om het te verbeelden.

Maar, woorden schieten in deze zoektocht te kort. Om die reden bewandelen beide denkers, de zenmeester en de mysticus vaak de ‘negatieve weg’: iets benaderen door te zeggen wat het niet is.

God is “voor ons onbenoembaar,” zegt Eckhart. Al onze namen en begrippen drukken iets begrensds uit.”

Dōgen spreekt niet over God maar over ‘boeddhanatuur’.

In beider toenadering zien we dat de taal het onbenoembare niet kan vatten.

We weten niet waar de crisis van vandaag op uitloopt, economisch noch spiritueel. Altijd heeft de mens gedacht dat religie iets was van vogels hoog in de lucht. Bekende woorden en beelden uit de traditie. Zoeken naar de zo vertrouwde deur. Het tuinpad van mijn vader. En als die mens binnenstapt zit iedereen daar toch weer als vanouds? Of?

Dwingt deze crisis ons nieuwe wegen te zoeken? Welke taal zoekt de stilte? Reikt de bijbel ons die al aan?

In de Bergrede wordt het beeld van leegte en ontvankelijkheid aangereikt: zalig de armen van geest, want aan hen behoort het rijk der hemelen’ (Mt. 5,3)

Muziek begint en eindigt in stilte. Muziek ademt in de zuurstof van de stilte.[4] Arvo Pärt in Spiegel im Spiegel componeert muziek op de grens van het hoorbare. De ijle en spaarzame klanken van de piano, de echo’s, het pianissimo, -stilte doet haar intrede in de klanken zelf.

In Gregoriaanse muziek worden psalmen gezongen als klanken van stilte en een weldoende rust, ongeacht of psalmenteksten emoties van vreugde, liefde, zorg, berusting, angst, hoop of vertrouwen beroeren. Gregoriaans, geluid van de stilte, echo van de eeuwigheid, -de belangstelling voor deze muziek laat iets zien van het verlangen naar een diepere spiritualiteit en innerlijkheid. Missa in Mysterium, de gregoriaanse meezingmis van Herman Finkers die de afgelopen jaren volle kerken trok, is daar een voorbeeld van.

Wat drijft de mens om stilte en leegte te zoeken in de zoektocht naar de bron?  Is het de zoektocht, voorbij het benauwde centrum van het eigen ik op weg naar een dieper, innerlijk geheim?

Noem het innerlijke geheim de ziel van de mens, verborgen onder de waterlijn van ons bestaan, verblind door het glinsterend wateroppervlak, verdwenen als verzonken land.[5]

Een innerlijke geheim, niet het benauwde centrum van het ‘ik’, maar een open ruimte, gericht op en verbonden met het grotere geheel.

Daar -in die open ruimte- opent zich het leven, zegt Etty Hillesum. Zij schrijft: En hiermee is misschien mijn levensgevoel het meest volkomen uitgedrukt: ik rust in mijzelve. En dat mijzelve, dat allerdiepste en allerrijkste in mij, waarin ik rust, dat noem ik “God”. Zo voel ik me, altijd en ononderbroken: of ik in jouw armen lig, mijn God, zo beschut en zo geborgen en zo van eeuwigheidsgevoel doortrokken.[6]

Eckhart Tolle zegt erover: Als je het contact met de innerlijke stilte in je verliest, verlies je het contact met jezelf. Wanneer je het contact met jezelf verliest, verlies je jezelf in de wereld. Je diepste besef van jezelf, van wie je bent, hangt nauw samen met innerlijke stilte. Dat is het IK-BEN dat dieper gaat dan naam en vorm.[7]

Vanuit een boeddhistisch perspectief wordt het rusten in mijzelve aangestipt als rusten in de boeddha-natuur.  Het kan niet gezocht worden, het moet worden afgewacht.


Het innerlijke Zelf, even geheim als God en evenals de Eeuwige, bron van mijn bestaan. Het kan niet worden bereikt of uit zijn schuilplaats tevoorschijn worden gelokt.
Welke spiritualiteit we ook volgen, de bron van het bestaan vraagt in onszelf iets te creëren van stilte, nederigheid, onthechting, zuiverheid van hart, gelijkmoedigheid, – opdat het innerlijke Zelf, het innerlijk geheim zich op onverwachte wijze aan ons kan tonen.[8]

.


[1] We vinden het verhaal bij alle drie de synoptische evangelisten, Matteus, Markus en Lukas.

[2] Michel Dijkstra. In alle dingen heb ik rust gezocht. De weg naar eenheid van Meister Eckhart en zenmeester Dōgen. Van Tilt, ISBN 9789460044496,

[3] Antoon Van den Braembussche, De stilte en het onuitsprekelijke. Over beeldcultuur, kunst en mystiek. Uitgeverij EPO (2016)2019.

[4] Vladimir Jankélévitch (1903-1985), in: Van den Braembussche, p.57.

[5] Marc Tritsman, Onder de waterlijn. Hollands Maandblad, 2020-6/7

[6] Genoteerd op 16 september 1942, dagboek Etty Hillesum (Middelburg 1915 – 1943 Auschwitz).

[7] Eckhart Tolle, De stilte spreekt.

[8] Vrij naar James Finley, Merton’s Palace of Nowhere. A Search for God through Awareness of the True Self, Ave Maria Press, Notre Dame, Indiana 46556, 19835, ISBN O-87793-159-3.

muziek

gebed

muziek

Zegenbede

Eeuwige, Zegen onze ogen

om te leren kijken naar de medemens op onze levensweg.

Eeuwige, Zegen onze oren
dat we hoopvolle woorden horen,
en anderen bemoedigen.

Eeuwige, Zegen onze mond
om vergeving en bevrijding Te spreken.

Eeuwige, Zegen onze handen
om goede gaven met anderen te delen.

Eeuwige,Zegen onze voeten
om wegen van vrede en verzoening te gaan.

Amen.

De Eeuwige zegene u en behoede u

De Barmhartige doe zijn aangezicht over u lichten en zij u genadig;

de Levende verheffe haar aangezicht over u en geve u vrede.

uitleidende muziek



[1] Initiation, Psalm 1 – Inside the great pyramid (CD). Paul Horn altfluit, gespeeld in de Koningskamer van de Cheops-pyramide, Gizeh (1977)

[2] Herman Verbeek, Liedboek van de ziel, p. 620.



Deel dit artikel





Video

Bekijk opnames.

Zoeken


Nieuwsbrief


Blijf op de hoogte en schrijf je in voor onze nieuwsbrief!

Een robot (of spam-script) Een mens
Volledige naam E-mailadres